De pacemaker is een apparaatje dat ervoor zorgt dat het hart in het juiste ritme blijft kloppen. Meestal is een pacemaker nodig als het hartritme te langzaam is. De pacemaker heeft een sensor die voortdurend het hartritme bewaakt. De pacemaker geeft stroomstootjes af om het hart weer in het juiste ritme te krijgen. De pacemaker houdt rekening met inspanning: de stroomstootjes volgen elkaar bij inspanning sneller op. Een pacemakersysteem bestaat uit een klein metalen doosje (pacemaker) en 1 of 2 pacemakerdraden. Soms wordt een pacemaker geïmplanteerd bij patiënten met hartfalen. Dan wordt er nog een 3e draad geplaatst en duurt de ingreep wat langer.